Nelson Mandela

Ojé, ik weet dat dit heel gevoelig ligt, maar het kan niet anders: Nelson Mandela ligt op sterven en hij ‘mag’ niet dood. In een eerdere bijdrage had ik het er al over, dat er weinig bewonderingswaardig is aan het stervens-proces. En nu is één van de iconen van de laatste halve eeuw zover dat–ie dood gaat. Hij is vierennegentig jaar en op. Let op dat laatste: op. OP. Twee letters, heel veel betekenis. En wat het zegt is dat het voorbij is, dít leven. Geef die man in hemelsnaam de ruimte om waardig te sterven. Hij kan, zoals de Inuit, de wildernis inlopen om afscheid te nemen van het leven, maar ligt in een fris gesteven bed met slangetjes en snoertjes, terwijl de hele wereld zogenaamd meeleeft.

Ik heb het meegemaakt. Laten gaan is moeilijk, maar het moet. Zeker voor iemand die een icoon is en zoveel gegeven heeft in zijn leven.

Inuit

Er is niets dat ‘mooi’ is aan de dood.

In 98% van de verbeeldingen, of het nu in de literatuur, film, songs, etc. is, wordt een beeld geschetst dat in de verste verte niet lijkt op wat de dood werkelijk is: een bruut eind aan het leven.

Een gemiddeld kind in de VS ‘ziet’ duizenden doden per jaar. Op tv, of in een videogame. In Nederland zal het wat minder zijn, maar het is in principe van hetzelfde laken een pak — er wordt hen een beeld voorgeschoteld dat niets te maken heeft met de werkelijkheid. De acteur houdt zijn of haar adem in, de grime heeft er wat min of meer gruwelijke wonden opgeplakt, het shot wordt in een lus herhaald. Maar een toneelspeler die de adem inhoudt is geen dode. Een dode staat voor wat de andere kant van het leven is: het ontbreken van leven, het afwezig zijn van de ziel. Iets wat je onmiddellijk herkent als je het ziet.

Op een slagveld is de dood iets afgrijselijks, niet te beschrijven. In een ziekenhuisbed, wat de andere kant van het spectrum zou moeten zijn, is het niet veel ‘mooier’… De strijd om nog een ademtocht, het reutelen, het wegvloeien van al het leven uit het lichaam — de term doodsstrijd komt niet in de buurt van wat er gebeurt met iemand die doodgaat.

Ik heb het vorig jaar twee keer meegemaakt en ik kan iedereen verzekeren: dan pas zie je hoe debiel onze maatschappij er mee omgaat. Een heel klein deel van wat we gezondheidszorg noemen houdt zich bezig met wat uiteindelijk iedereen overkomt.: sterven. En dat geeft aan dat we in een maatschappij leven die geen antwoord heeft op de vraag hoe we met de dood om moeten gaan. Het zal wel de prijs van de vooruitgang zijn…

Er is veel te zeggen is voor de manier waarop in vroegere tijden de Inuit de dood tegemoet traden: solitair. Dan is er tenminste nog iets van waardigheid.

Tom Lanoye

Vanavond naar de Nederlandse première van Tom Lanoyes theaterprogramma ‘Sprakeloos’ geweest. Het is een solo-voorstelling die baseert op het gelijknamige boek; eigenlijk een uitgebreide voorlees-sessie — hoewel ik met deze beschrijving Lanoye ernstig te kort doe, hij acteert en vertelt erbij, op een manier die echt naar de strot grijpt & dat gebeurde bij mij dus ook letterlijk: zijn beschrijving van het sterfbed van zijn moeder is een één-op-één verslag van hoe Miep doodging, incluis de wroeging die je voelt over het geïnstitutionaliseerde rekken van de dood dat in onze zogenaamde beschaafde maatschappij de norm is. Ik zat erbij en het kwam allemaal weer als een golf over me heen.

Niet vergeten om morgen een wilsbeschikking op papier te zetten.