Opruimen!

Een paar dagen geleden las ik het gelijknamige boek (eigenlijk: boekje) van de Japanse opruim-goeroe Marie Kondo. Absoluut onafhankelijk hiervan ben ik de laatste paar dagen druk bezig geweest met opruimen.

Zo heb ik vandaag negen of tien vuilniszakken met kleding, schoenen en textiel óf naar de kringloop óf naar het milieu-eiland gebracht. Daaronder een pak dat ik in vijftien jaar tijd niet vaker dan acht, negen keer heb gedragen (en dat overigens niet echt goed meer paste…), meestal ter gelegenheid van bruiloften van familie of wat toen familie was, en een begrafenis of twee.

Omdat er weer ruimte was heb ik gisteren een paar sneakers gekocht. In tegenstelling tot die ik wegdeed nu wel goed passend. Dit terzijde. En sokken, maar dat was heel erg nodig. En een bakje waar de sokken in kunnen, ook nodig.

Bij het opruimen van de bergruimte in mijn slaapvertrek (boven het sanitairdeel) vond ik de resten van een spinnennest. De spinnenmoeder had een weekendtas deels verteerd om nestmateriaal te maken. Ik heb alles natuurlijk goed opgeruimd en schoongemaakt en nu is de bergruimte niet alleen schoon, maar ook bijna leeg (inhoud: twee koffers, twee tassen, twee dozen met foto’s en zulks, een tentje in een hoes plus nog bijna drie kubieke meter niets).

De kledingkasten hebben ook een metamorfose ondergaan. Je kunt weer zien van welk materiaal de planken gemaakt zijn. En de helft is leeg. (Wist trouwens niet eens dat ik drie paar ski-handschoenen had. Inmiddels twee, trouwens).

Je hoeft niet het boekje van juffrouw Kondo te lezen voor de belangrijkste overweging bij het opruimen van spullen: neem iets in de hand, bedenk of je het de laatste twee jaar gebruikt hebt, bedenk of je van het object blij wordt. Twee keer nee betekent in de vuilnis.

Bij mij werkt dat wel. Wat wel meeweegt: ik heb nu nog maar 7% van mijn woning uitgemest. En die overige 93% konden wel eens een stuk moeilijker worden.

Vloerverwarming

De luttele tweehonderd vierkante meter van mijn woning (ik geef toe — het is meer dan 750 kubieke meter, maar wel verdeeld over drie ruimtes) worden verwarmd middels vloerverwarming. Toen dat veertien jaar geleden werd aangelegd heb ik niet heel erg goed opgelet. Wat ik nog weet is dat mijn huis verdeeld is in twee delen; de woonruimte heeft, net zoals wat eerst het kantoor was, een aparte groep met een eigen verdeler. De verdeler voor het woongedeelte bevindt zich in wat ik het washok noem. Van daaruit gaan er een aantal leidingen naar de woonruimte. En (ik denk omdat ik dat ooit met de installateur afgesproken heb) alle aanvoer-leidingen lopen door het keukendeel van mijn woning, een spatje voor het aanrecht, waardoor je bij het opwarmen van de installatie lekker warme voeten krijgt als je aan het aanrecht staat.

Vloerverwarming!

Vleermuizen

Ze zijn er weer. In de oplopende schemering dwarrelend achter mijn huis. Het is er trouwens maar eentje, zie ik nu. En dat is een veeg teken — misschien hebben wij mensen hun habitat ietsje teveel aangetast.

Ik hou het in de gaten.

(En speciaal voor E: sterkte, ik denk aan je.)