Medisch carousel

Er is voor alles een eerste keer. Dat geldt ook voor mijn introductie tot de nationale gezondheidszorg.

Na lang gedubd te hebben over weinig samenhangende en ook weinig betekenende symptomen die ik ervoer (allemaal hoogstwaarschijnlijk terug te voeren op het algemene begrip ‘ouder worden’), nam ik een tijdje geleden de stap om me te wenden tot de daarvoor opgeleide mensen — de medici.

Een eerste ronde met mijn huisarts leidde niet tot een conclusie. Medici noemen een conclusie trouwens een diagnose.

Bij ontstentenis daarvan word je dus als zorgconsument doorverwezen naar de volgende fase van gezondheidszorg: de specialist.

Mijn eerste afspraak met een in de interne geneeskunde gespecialiseerde arts, ging niet helemaal zoals het moest; ik was een dag te laat. Dat gebeurt als je geen agenda voert en een vrij zorgeloos bestaan leidt.

Op de tweede afspraak was ik goed voorbereid — niet alleen liet ik mij er 24 uur eerder door een app aan herinneren, ik had ook al wat van mijn symptomen op papier gezet. Ik had dus alle antwoorden paraat, voor het geval dat.

De arts bleek een jonge vrouw te zijn die over een (zeker voor een medicus van het stempel dat ik ken) uitgesproken mate van empathie beschikte. Zoals heden ten dage gebruikelijk tikte zij mijn antwoorden op haar vragen in hoog tempo in een computer. Toch verloor zij weinig oogcontact, wat weer niet erg modern is. Ik denk dat ze goed is in haar werk. De bazen krijgen veel op papier & de patiënten aandacht. Dat heet ook wel het beste van twee werelden, maar daar heb ik niet zoveel verstand van als van grafische vormgeving.

Het onderzoek ging na een uitgebreide vraag-en-antwoord sessie over naar iets meer fysieks. Luisteren naar diep zuchten met een stethoscoop, kloppen op weke plekken, enzo meer. Dat liet ik dus maar gebeuren.

Zij had kort geknipt, krullend bruin haar, grote ogen en een ranke hals. Als ik dertig jaar jonger was geweest (of 25, wat maakt het uit), was ik met haar gaan flirten. Maar vijfentwintig jaar geleden (en ook 30) was ik meer gesteld op blond en/of rood.

Zo verkeert het.

Na het onderzoek ging ik nog op een speurtocht door het ziekenhuis (A25, D15, het had ook Battleship kunnen zijn!) en werden er een hartfilmpje en een longfoto gemaakt. Waarom een filmpje met zuignappen gaat en een foto met een grote plaat werd me niet duidelijk. Wel dat er veel aardige mensen in het ziekenhuis werken.

Maar dat ik ze aardig vond kon er ook mee te maken hebben dat ik beleefd en vriendelijk tegen ze was. Volgens mij komt dat niet vaak genoeg voor. Het helpt wel bij het intermenselijk verkeer, denk ik.

Over een tijdje word ik gebeld door de interniste over de resultaten van de onderzoeken, misschien is er zelfs een diagnose! Daar verheug ik me nu al op — niet op de diagnose, maar op het telefoontje. Maar ik vraag me wel af hoe het zit met de plas die ik nog zou moeten inleveren. Denkelijk komt daarover nog een schrijven met instructies. De zorg is in ons land zeker administratief goed geregeld. En ik betaal trouwens zelf al deze onderzoeken. Dat heet eigen risico.

Add Your Comments

Disclaimer
Your email is never published nor shared.
Tips

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <ol> <ul> <li> <strong>

Ready?
Required
Required